Dag 4 van 2019: revolutie!

Ik las vorige week de column van Claudia de Breij over de gele hesjes. Ze begon haar column met de woorden: ‘je kunt lachen om de gele hesjes beweging in Nederland.’ (gelukkig volgde er daarna ook nog een maar…)

De meeste dingen die uiteindelijk van waarde blijken of impact hebben, lijken in eerste instantie een slechte grap. Het kan (bijna) niet anders dan dat er een groot aantal mensen meer dan 2.000 jaar geleden meesmuilend door Israel hebben gewandeld en hard hebben gelachen om ene Jezus die zich de zoon van God noemde. Of wat dacht je van de de eerste revolutionairen in Tsaristisch Rusland, de eerste man of vrouw die voorstelde zich te verzetten tegen de Zonnekoning, het regime van Assad of Khadafi.

Het is een beetje als de dansende man hierboven. Als er één iemand staat te dansen, dan sta je voor gek. Pas als er meerdere mensen aansluiten, dan ontstaat er iets dat uiteindelijk kan uitgroeien tot een revolutie.

Een jaar of wat geleden werden de pensioenen van Nederlanders flink gesnoeid. Tot grote verbazing van mijn toenmalige baas stond niemand op het Malieveld. In de periode vanaf 2008 zijn de banken en de bedrijven die op grote schaal worden gematst. De verzorgingsstaat wordt ondertussen betaald door de middenklasse. Mislukt het experiment van de vrije markt, dan betaalt de middenklasse (veel) geld om banken en bedrijven van falende bestuurders overeind te houden. Zijn verbazing over het gebrek aan revolutie (mijn woorden) sprak ook Lex Bohlmeijer, correspondent ‘Goede gesprekken’ uit in zijn laatste podcast. Bohlmeijer keek hierin na 5 jaar terug op 166 ‘goede gesprekken’ met interessante denkers van onze tijd.

Om weer even de analogie van het dansen te gebruiken. De eerste persoon die opstaat en begint te bewegen, voelt daartoe een bepaalde noodzaak. Zo is het ook met de gele hesjes in Frankrijk. Het is de onderklasse en de onderkant van de middenklasse die zich in eerste instantie verzetten. De eerste persoon die de dans inzette was het zat om zoveel belasting te moeten betalen en plaatste een bericht op Facebook. Ze was niet de enige en ook anderen deden mee. Inmiddels gaat het om tien- zo niet honderdduizenden mensen wereldwijd. Ik pas als hogeropgeleide, meer dan modaal verdienende witte man misschien niet in het plaatje, maar ik ben blij dat er eindelijk mensen opstaan die zeggen: ‘zo kan het niet langer!’

Het lachen vergaat mij als ik bedenk wat de consequenties zijn van een revolutie. Tijdens de laatste Franse revolutie vond men de guillotine uit. Net als ieder ander heb ik liever een geleidelijke transitie. Maar dat betekent wel dat politici en bestuurders het zich niet kunnen veroorloven om de bal maar bij de burger – vooral ook mensen die minder verdienen – neer te blijven leggen. Politici laten hun oren teveel hangen naar bedrijven en langzaam maar zeker ontstaat er een economische organisatie die we kennen vanuit de middeleeuwen: feodaliteit. Wijsheid met dank aan eerder genoemde Bohlmeijer. Het kan en het moet eerlijker. Als het de banken zijn die er een zooitje van maken, dan betalen ze daarvoor een prijs. Is het de industrie die het meest vervuilt en jarenlang dikke winsten hebben gemaakt ten koste van de natuur. Idem.

Gebeurt dat niet, dan leert de geschiedenis ons dat een revolutie niet alleen onvermijdelijk, maar ook bloederig is.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *