365 dagen bloggen, dag 56: ‘over gerechtigheid’

Ik werd geraakt door een kort nieuwsbericht. Een man uit Texas reed in 2015 een jonge vrouw dood. In Amerika, helemaal Texas, betekent dit vrijwel zeker een levenslange gevangenisstraf. Voor de familie van het slachtoffer was dit onacceptabel. Ze vonden de straf inhumaan voor het kind van de dader. Hij krijgt naast 120 dagen cel (nu), de komende negen jaar een gevangenisstraf van 1 week per jaar. De week gaat in op de dag dat hij zijn slachtoffer doodreed. Daarnaast heeft de familie een aantal voorwaarden gesteld om er zo voor te zorgen dat de dader nuchter blijft en niet meer dronken achter het stuur kan stappen.

De moeder van het slachtoffer verklaarde:

,,Wij hopen dat hij zal profiteren van het geschenk van de tijd dat onze dochter werd ontnomen, en een positieve invloed op onze gemeenschap zal zijn.”

Gevangenisstraf heeft altijd twee elementen, behalve dat iemand boete doet voor de overtreding die hij of zij beging, proberen we als samenleving iemand ook bij te sturen. Wat een ontzettende kracht gaat er uit van dit voorbeeld. Deze mensen is het mooiste en meest waardevolle ontnomen wat ze hadden en ze kiezen ervoor om behalve straf vooral ook iemand weer in de juiste richting te duwen. Deze man van 23 krijgt een tweede kans om iets van zijn leven te maken. Niet omdat een rechter of openbaar ministerie dat besluit, niet omdat hij er op welke manier dan ook recht op heeft, maar omdat mensen hem genade tonen.

Die ene week in het jaar dat hij straks niet bij zijn kind kan zijn, wordt hij gedwongen na te denken over welke keuzes hij heeft gemaakt. Een moment van reflectie en straf. Het enige wat ik hoop, wat ik vooral ook de familie toewens, is dat deze meneer deze gift met nederigheid accepteert. Dat hij, zoals de moeder als hoop uitspreekt, de rest van zijn leven gebruikt om zijn leven en daarmee deze gift betekenis te geven.

365 dagen bloggen, blog 55 ‘dikke buiken’

Kinderen zijn een (keiharde) spiegel. Mijn zoontje van vier wreef over mijn buik en zei: ‘papa jij hebt een dikke buik, zit daar een baby’tje in?’ Ik dacht laat ik voorkomen dat hier anatomische verwarring over ontstaat en zei: ‘Nee kerel alleen meisjes kunnen baby’s in hun buik hebben, bij papa’s kan dat niet.’ Hij begon hard te lachen en zei: ‘nee natuurlijk niet, jij hebt natuurlijk veel teveel snoepjes gegeten?!’

Nu zal het in mijn geval niet direct door snoepjes komen, speelt aanleg ook mee, maar de combinatie van ‘teveel’ en ‘gegeten’ speelt zeker een rol als het gaat om de omvang van mijn buik. Toch begon ik nog een beetje tegen te stribbelen, want het waren toch zeker echt niet de snoepjes. Hij keek mij onderzoekend aan, begon nogmaals mijn buik te betasten en zei: ‘Nee pap nu weet ik het. Jij bent zo geboren.’ En ik zei: ‘Ja jongen precies, zo is het’.

Een typisch voorbeeld van een antwoord waar we allebei het beste mee kunnen leven. Jong geleerd, oud gedaan en daarmee dus een noodzakelijk onderdeel van de opvoeding.

365 dagen bloggen, dag 54 ‘moeder natuur’

Soms krijgt een dag ongewild een thema. Het thema van vandaag is: moeder natuur. Het begon vanochtend tijdens het hardlopen. Ik luisterde naar een interview met acteur Egbert Jan Weeber. Net als ik zelf geboren in 1981. Het ging o.a. over het dertigersdillema en keuzestress. Volgens Weeber komt dit voor een groot deel omdat mensen niet meer voldoende geaard zijn. We begrijpen niet meer waar het leven om draait, en zijn losgezongen van de natuur en de mensen om ons heen.

De tweede ‘aanwijzing’ was een interview met een verloskundige over thuisbevallen in het AD. Overigens is hèt bewijs dat ik ver van de natuur ben afgedrijfd misschien wel is dat ik mijn vrouw zo ongeveer gesmeekt heb om voor de bevalling naar het ziekenhuis te gaan (en gedreigd heb als ze thuis wilde bevallen het bed daarna in de fik te steken). Maar dat terzijde. In het artikel komt de voorzitter van de beroepsvereniging van verloskundigen aan het woord. Zij geeft er zelf geen waardeoordeel over, maar als je tussen de regels doorleest, dan zegt ze dat we met elkaar af en toe best wat beter in contact mogen staan met moeder natuur.

En als laatste natuurlijk dé storm die vandaag over Nederland raast. Ik vind die ANWB-weercodes vaak te hilarisch voor woorden. Als je die dingen mag geloven dan staat de wereld op het punt te vergaan. Overal en nergens worden woordvoerders vandaan getrommeld, van Rijkswaterstaat tot de NS. Nu is het wind, maar hetzelfde gebeurt bij hitte, sneeuw en ijzel. Natuurlijk is onze samenleving steeds complexer geworden en zijn we daarmee ook afhankelijker geworden van systemen zoals spoor- en snelwegen. Behalve dat wat wij er zelf aan kunnen doen (er minder spastisch mee omgaan), zie ik dit soort momenten vooral ook als een knipoog van moeder natuur. Het is alsof ze zegt: jullie denken wel dat jullie het allemaal onder controle hebben, maar uiteindelijk ben ik de baas!

 

365 dagen bloggen, dag 53 ‘gedachten bij onbehagen 2’

Maandag begon ik te lezen in het essay van Bas Heijne met als titel ‘Onbehagen’. In zijn essay formuleert Heijne een antwoord op de vraag: ‘Hoe reëel is onze lust nog?’ Dit schijnt een verwijzing te zijn naar Sigmund Freund, die binnen onze psyche twee principes aan het werk zag: het lustprincipe en het realiteitsprincipe. Worden we gedreven door onze diepste verlangens of kiezen we ervoor deze te (laten) onderdrukken door wat onze omgeving verwacht. Het leek mij wel leuk om een aantal passages die mij aanspreken of die zorgen voor associaties te bespreken in deze blog. Gisteren over over een veranderend wereldbeeld, vandaag over biologie.

In zijn essay heeft Heijne het erover dat de moderne wetenschap en meer specifiek onze toenemende kennis op het gebied van biologie en biologische processen de mens als zelfstandig en verlicht wezen in een andere context stelt. Heijne heeft het over een paradox. Hoe meer wetenschap en we dus begrijpen wie we als mens zijn. Hoe meer we onszelf beseffen dat onze vrijheid maar zeer beperkt is. Het is dus niet een kwestie van willen ontwikkelen richting een verlicht mens, de vraag is of het binnen ons bereik ligt.

Het meest invloedrijke boek dat ik in 2016 las, was van hoogleraar geschiedenis Yuval Noah Harari. Het boek heet Sapiens en heeft als ondertitel: ‘a brief history of humankind’. Het boek geeft één visie op de ontwikkeling van de moderne mens en laat zien hoe we zijn gevormd door onze biologie. Harari zet veel van de wetenschappelijke onderzoeken en kennis over biologie achter elkaar. Vragen die weken door mijn hoofd bleven spoken waren: wat moet ik met alles wat ik hier gelezen heb? Bestaat vrije wil eigenlijk wel? Ben ik niets meer en niets minder dan een optelsom van mijn eigen impulsen? Wat betekent dit voor de manier waarop ik kijk naar de wereld om mij heen en mijn eigen overtuigingen? Wat geeft de mens bijvoorbeeld het recht andere dieren te domineren en op grote schaal af te slachten in de bio-industrie? Bestaat er eigenlijk wel zoiets als een God?

Met alles wat we nu weten van de mens en de manier waarop we ons ontwikkeld hebben, is de vraag gerechtvaardigd of de idealen die wij hebben wel te behalen zijn.

365 dagen bloggen, blog 52: ‘gedachten bij onbehagen 1’

Gisteren begon ik te lezen in het essay van Bas Heijne met als titel ‘Onbehagen’. In zijn essay formuleert Heijne een antwoord op de vraag: ‘Hoe reëel is onze lust nog?’ Dit schijnt een verwijzing te zijn naar Sigmund Freund, die binnen onze psyche twee principes aan het werk zag: het lustprincipe en het realiteitsprincipe. Worden we gedreven door onze diepste verlangens of kiezen we ervoor deze te (laten) onderdrukken door wat onze omgeving verwacht. Het leek mij wel leuk om een aantal passages die mij aanspreken of die zorgen voor associaties te bespreken in deze blog.

Ik wilde graag beginnen met het wereldbeeld. In het begin van zijn essay heeft Heijne het erover dat in de afgelopen jaren zijn beeld van waar de wereld zich heen ontwikkelt is veranderd. Mijn wereldbeeld is voor een groot deel bepaald door de jaren negentig van de vorige eeuw. De bomen groeiden economisch tot in de hemel en we waren op weg naar een aards paradijs. We zouden leren van onze geschiedenis. De ellende van oorlog is geweest, lang leve de ratio. In zijn essay vertelt Heijne dat hij (en met hem en mij) er heel veel mensen zijn die daar ook zo over dachten.

De wereld waarin wij leven is een systeem, complex en levend, maar niet meer en niet minder dan een sociaal systeem. Veel van wat wij werkelijkheid noemen bestaat niet echt. Het zit in onze hoofden en zijn afspraken tussen mensen. De complexiteit ervan komt voort uit dat we er in de loop van de eeuwen dingen op en bij hebben gebouwd. Van bedrijven en rechtspraak tot sociale interactie en leefregels. Volgens mij was het in de biografie van Steve Jobs dat ik las dat het voor Jobs een bevrijding was toen hij erachter kwam dat systemen uiteindelijk ook maar gemaakt zijn door mensen en daarom ook aangepast en veranderd kunnen worden.

Naast dat het een prettig gevoel is dat niet alles vastligt zit er ook een andere kant aan. Heel veel van wat ons wereldbeeld bepaalt is kwetsbaar. Instituties komen voort uit keuzes en systemen die vertrouwen nodig hebben om te kunnen voortbestaan. Dat is langzaam maar zeker steeds actueler geworden. Onderdelen die ik altijd heb beschouwd als onwrikbaar brokkelen af. De Europese Unie is geen gegeven, net zo min als de rechtstaat of de sociale zekerheid. Ze bestaan bij de gratie van keuzes en vertrouwen. In een verandering van tijdperk is dat (lijkt mij) iets om goed te onthouden.

365 dagen bloggen, dag 51: ‘uniek’

Naarmate ik ouder werd, kwam langzaam maar zeker het besef dat ik verre van uniek ben. Aan mijn middelmatigheid moest ik denken toen ik van de week iemand hoorde spreken over schrijversvak. Een goed verhaal en goed boek vertelt een uniek verhaal dat verder door geen ander verteld kan worden.

Daar krijg je toch als simpele (schrijvers)ziel een behoorlijke bibber van. Het eerste wat ik dacht was, ga jij er maar aanstaan mannetje. Elke dag een blog en dan ook nog eens lekker uniek zijn… Er zijn dagen dat ik blij ben met een zuchtje inspiratie. Een mooi gesprekje, liefdevolle woorden van kinderen, een grappige verspreking of een moment van inzicht bij mijzelf.

Ik heb mijn hele leven al geschreven. Het is alsof ik door het te doen het dichtst bij mijzelf kom. Iets van de kern raak van mijn zijn. In die zin zijn mijn stukjes misschien een weerspiegeling van mijn zijn, maar uniek, nee dat niet.

 

365 dagen bloggen, dag 50: ‘Wijsheid van Floortje’

Een van mijn favoriete TV-momenten van 2016 was het winnen van de Televizierring door Floortje Dessing en dan vooral de liefde en het enthousiasme van een vader voor zijn dochter dat van het scherm spatte toen haar vader van 87 zag dat zijn dochter won.

Gisteren las ik een interview met Floortje in het AD. Ze liet zich interviewen omdat het vijfde seizoen begint van ‘Floortje naar het einde van de wereld’. Het reisprogramma dat mooie verhalen vertelt van mensen die zich hebben teruggetrokken uit traditionele maatschappij. Het voordeel van iemand die veel reist is dat er wat afstand ontstaat.

“Ik verbaas me over zo’n Hollandse uitspraak als ‘joepie, de week is weer doormidden’. En: ‘nog even en dan is het weer zaterdag’. Of: ‘gelukkig het is vakantie’. Alsof we leven van vakantie naar vakantie en van weekeinde naar weekeinde. Als we niet oppassen rammen we die andere dagen er gedachteloos doorheen. Ik zal nooit zeggen dat elke dag een feestje is – zo ervaar ik het evenmin – maar iets minder achteloosheid zou mooi zijn.”

In de loop van de jaren ontstaan er overtuigingen. Zo vond ik een aantal jaren dat de winter en de herfst alleen bedoeld waren ter voorbereiding op de lente en de zomer. Eén slechte zomer en het jaar was een mislukking, vond ik. Ik ramde zoals Floortje zegt een deel van het jaar doorheen. Volgens mij heeft ze helemaal gelijk als ze zegt dat het af en toe wat minder achteloos mag.

365 dagen bloggen, dag 49: ‘meester vs leerling’

Sinds vandaag heb ik een zaterdagabonnement op de krant  Trouw. Na jarenlang mijn zaterdagochtend te zijn begonnen met de Volkskrant, was het vandaag even wennen aan andere katernen, columnisten en minder politieke verhalen.

Mijn scheiding van de krant van links Nederland was in eerste instantie geen vrijwillige keuze, maar heeft tot nu goed uitgepakt. Behalve het laatste nieuws biedt Trouw voldoende verdieping en inspiratie. Zo las ik een mooi interview met van de Frans Joodse filosoof en Rabbijn Marc-Alain Quaknin over wat het betekent om een leraar te zijn. Een leraar moet leven vanuit het besef dat hij een zoeker naar waarheid is en het feit dat hij vragen blijft stellen van hem een meester maakt.

Zo veel wijsheid in een zin. Wauw!

365 dagen bloggen, dag 48: ‘stem wijzer’

Gisteren was het allemaal duidelijk, althans volgens de website die mij adviseerde over mijn partij keuze. Het moest D66 worden dit jaar. Ik zelf heb daar nog zo mijn twijfels bij, vooral vanwege moreel ethische standpunten, dus was het vandaag tijd voor een second opinion.

Volgens de stemwijzer zijn er een een aantal kandidaten. Waarvan de belangrijkste de Partij voor de Dieren (73%) is. Nu heb ik al een aantal jaren aan het idee kunnen wennen dat ik ooit op een partij ga stemmen die dierenwelzijn zo prominent in zijn programma heeft staan. Ik heb mij er ooit in verdiept en het is meer dan een one-issue partij. PVDD staat meer nog dan Groen Links een groen economisch beleid voor, een partij die echt keuzes durft te maken om te komen tot een ander systeem. Toch is het een partij waar ik niet snel voor zou kiezen. Iets houdt mij nog tegen.

Als ik eerlijk ben dan zijn er twee partijen waar ik op zou kunnen stemmen in maart. Of ik kies voor de partij waar ik al vanaf mijn 18de lid van ben, de partij die langzaam aan weer wat meer naar het midden drijft: het CDA. Of ik ga voor mijn oud CNV-collega Jesse Klaver.

Ik ga mij er de komende weken nog maar eens in verdiepen.

365 dagen bloggen, blog 47: ‘achter het behang’

Ik ben volgens mij nog nooit zo blij geweest om mijn vrouw thuis te zien komen vanuit haar werk. Mijn kinderen zijn schatjes, maar vandaag waren we een minder geslaagde match. De keren dat ik heb gehoord: ‘papa hij/zij slaat mij’ of ‘neeeeeeee niet doen’ waren niet meer op twee handen te tellen.

Ik merk dat als je niet uit kijkt zo’n dagelijkse blog verwordt tot een goed nieuwsshow waarin alleen de hoogtepunten van het leven de revue passeren. Om de boel weer wat in balans te brengen leek het mij goed om eens te schrijven over wat er zich ook in mijn huishouden afspeelt. Van gillende kinderen tot boze ouders, we zijn met z’n vieren net mensen. Net als iedereen ken ik het gevoel je kinderen het liefste achter het behang te willen plakken.

Het leven is geen optelsom van hoogtepunten, vooral niet als je jonge kinderen en een veeleisende baan combineert. Toch haal ik altijd een stuk troost uit het feit dat juist die hoogte- en dieptepunten samen het leven vormen. En voor wat betreft mijn kinderen: er is niets beter dan het ook weer goed te maken. Hun kleine handjes in mijn handen óf een warme knuffel en een natte zoen.

Lang zullen we leven!