Dag 19 van 2019: ‘Het doel en de weg ernaar toe’

Ik hing een minuut geleden een meter of 7 hoog in een klimmuur in Utrecht. Nadat ik omhoog was geklommen alsof ik werd achtervolgd door de Duivel en me daarna weer naar beneden liet zakken. Geen moment om even uit te hijgen en te genieten van het uitzicht. Met maar een doel voor ogen: naar de top.

Terwijl ik na sta te hijgen, bedenk ik mij dat ik er weer ingetrapt ben. De tegeltjeswijsheid die ik ooit las flitst door mijn hoofd: ‘De weg ernaar toe is minimaal even belangrijk als het gestelde doel.’

Het heeft iets moois om doelbewust en doelgericht te zijn, maar tegelijkertijd is het ook een zwakte. Ik heb het privé en in mijn werk. Ik heb een doel voor ogen en ga ervoor. Of het nu gaat om de reis tijdens de vakantie of het binnenhalen van een opdracht. Focus zorgt ervoor dat mijn wereld versmalt. Er is minder ruimte om de mooie dingen te zien op de weg naar het doel toe.

Gek hoe dat werkt in mijn hoofd, maar het is het eerste wat ik mij bedacht zo onder aan de klimmuur. Ik had even om mij heen kunnen kijken. Kunnen genieten van de puzzel die de klim is, van het de strijdt aangaan met mijn lichaam. Ik had kunnen genieten van de weg ernaar toe.

Dag 18 van 2019: ‘Ziek zijn. In gevecht tegen mijzelf’

Ik heb geen idee of andere mensen er ook last van hebben, maar niet lekker zijn, ziek worden is in mijn geval een gevecht tegen mijzelf. In veel gevallen, zo houd ik mijzelf voor, is het een kwestie van ‘mind over body’. Vaak klopt dat ook en kan ik mijzelf redelijk op de been houden door mijzelf voor te houden dat het ‘wel meevalt’.

In februari 2018 echter kwam ik erachter dat het niet altijd zo werkt. Na een week de griep besloot ik dat ik beter was. Mijn vrouw waarschuwde mij, maar ik was eigenwijs. De maandag en dinsdag kwam ik met hangen en wurgen door, maar op woensdag haakte ik (geestelijk) volledig af. In een overleg wist ik van voren niet meer dat ik van achteren leefde. Daarna heb ik mijn spullen gepakt en wilde de deur van het kantoor uitwandelen. Een collega vroeg wat ik ging doen. Ik ging naar de bus. ‘En waar is dat dan?’, vroeg ze. Ik had geen idee, maar ik moest naar huis. Uiteindelijk heeft ze toen iemand gewaarschuwd die mij naar huis heeft gebracht. De week erna gaf ik mij over aan mijn ziek zijn en bezwoer ik mijzelf dat dit mij niet nogmaals ging overkomen.

Vandaag was het weer zover. Ik had een vervelende nacht, maar besloot toch te gaan werken. De wereld vergaat immers als ik niet aanwezig ben :-). Uiteindelijk heb ik om een uurtje of 13.00 uur mijn bed opgezocht. Er is immers een grens aan ‘mind over body’.

Dag 17 van 2019: ‘Waar is het feestje? Hier!’

Soms gebeuren er dingen in je leven die voelen als een ver van je bed show. Iets wat alleen voor anderen bestemd is. Niet omdat ze negatief zijn, het zijn zelf schitterende dingen, maar het voelde lang alsof alleen mensen die volwassen zijn ze meemaken. En jij was dat niet, volwassen.

Tot het moment daar is dat ook jouw dochter tien wordt (in 2018) en ook jijzelf 12,5 jaar getrouwd bent met de liefste van de wereld (in 2019).

Laten we eerlijk zijn als je niet trouwt dan is 12,5 jaar samen zijn niet direct reden tot een feestje. Wat ik probeer te zeggen, is dat het vrij gekunsteld is. Lang hebben we dan ook vol gehouden dat wij het anders gingen doen. Geen feest bij 12,5 jaar, maar bij 10 jaar. Die datum hebben we echter voorbij laten gaan en het feest kwam er niet van.

In september is het zover en het leven is zo kort dat het zonde is om niet de liefde niet te vieren. Het is geen 40 jaar, maar ook de 12,5 jaar haalt niet iedereen. Geen behoefte om te trouwen, ziek, zwak, misselijk, gescheiden of nooit de juiste persoon tegenkomen. Allemaal redenen om dit lustrum niet te halen of te vieren.

Ik heb mazzel. Ze is mooi, lief, geduldig. De beste moeder en vrouw die ik en de kinderen ons wensen kunnen. 12,5 jaar met haar samen zijn, was een feestje. Als het allemaal opnieuw mocht, zou ik er vol enthousiasme in stappen. En 12,5 jaar is pas het begin. Het doel is dat bankje in het park. Wij samen als 80-plussers kijkend naar onze achterkleinkinderen.

Dag 16 van 2019: ‘Steeds harder rennen om op je plaats te blijven’

Ik was uitgenodigd voor een inspiratie-sessie van verzekeraar ARAG. Ik weet niet eens meer wie, maar een van de sprekers zei: ‘We leven in een tijd waarin organisaties steeds harder moeten rennen om op hun plaats te blijven.’

Als iemand die in ieder geval zijn werkzame leven besteed aan nieuwe ontwikkelingen. Sleuren aan projecten die uiteindelijk een bijdragen aan een organisatie van de toekomst, ben ik het daarmee van harte eens. Techniek en de rol die het speelt in de organisatie en organisatieprocessen is daar vooral debet aan.

De snelheid waarmee techniek verandert is immens. Dat staat nooit op zichzelf. Techniek vormt verwachtingen van de consument. De interface van de tech-reuzen is de standaard, hetzelfde geldt voor hun manier van klachtafhandeling. Voldoe je niet aan de door deze bedrijven gezette standaard, dan voldoe je niet aan de verwachtingen van de klant.

Daarom bekruipt mij soms het gevoel dat wat vandaag nieuw is, morgen al weer achterhaald is. En dat mijn organisatie dus steeds harder moet rennen om minimaal relevant te blijven.

Dag 15 van 2019: ‘De bankencrisis als zegen’

Dit weekend keek ik voor de tweede keer de film The Big Short uit 2015. Een geweldige film met een sterrencast, genomineerd voor 5 vijf Oscars (waarvan ze er één wonnen). Aan een scene uit die film moest ik denken terwijl ik een artikel in de Telegraaf las waarin oud minister Dijsselbloem van financiën de bankencrisis uit 2008 een zegen voor de Nederlandse banken noemde.

The Big Short was de eerste film die een voor mij begrijpelijk antwoord gaf op de vraag: ‘Hoe kon het dat het in 2008 economisch zo uit de klauwen liep?’ Aan de basis van deze zogenoemde kredietcrisis stond een bubbel in de Amerikaanse huizenmarkt met banken die rommel- of subprime hypotheken op hun balans hadden staan. We volgen in de film financiële experts die tegen de Amerikaanse hypotheekmarkt wedden en daarmee miljoenen en in één geval zelfs miljarden verdienen.

Als twee van de financieel experts een conferentie bezoeken en erachter komen dat ze gelijk hebben. De hypotheekmarkt staat inderdaad op het punt om te vallen, zetten ze met veel geld in het vooruitzicht een dansje in. Wat volgt is onderstaande scene:

In het artikel geeft Dijsselbloem aan dat de bankencrisis ervoor heeft gezorgd dat de Nederlandse banken klaar zijn voor de toekomst. Banken en de overheid werden gedwongen om actie te ondernemen. Ik snap (denk ik) wat Dijsselbloem bedoelt en hij heeft ook een punt.

Tegelijkertijd geldt voor hem hetzelfde als voor die jongens in de film: ‘don’t f***ing dance’. Er werd immers een flinke prijs betaald voor deze wijsheid. Om er twee te noemen: een dubbele recensie én miljarden aan bezuinigingen op de verzorgingsstaat.

Dag 14 van 2019: ‘Na twijfel komt verandering.’

Terwijl ik op weg ben naar kantoor hoor ik in een radio-reclame de volgende woorden: ‘Wie graag zoekt, moet tenminste één keer in zijn leven aan alles twijfelen.’

Geen idee meer van wie de reclame was, maar de woorden blijven hangen. Over het algemeen zijn het die momenten van twijfel die leiden tot verandering.

Ik wil starten met een studie en dus moet ik kiezen. Het is niet voor de eerste keer dat ik mijzelf voorneem weer naar school te gaan. Al bijna 1,5 jaar loop ik nu te wikken en te wegen. Wat is nu wijsheid? Ik kom er maar moeilijk uit. Tegelijkertijd ben ik ervan overtuigd dat deze twijfel tot iets moois gaat leiden. De keuze voor een richting waar ik ook de komende jaren nog plezier van heb.

Want twijfel leidt tot verandering en grote twijfel tot grote verandering :-).

Dag 13 van 2019: ‘Over bidden en gehoord worden.’

Het is zondag. Joyce is met de kinderen naar de kerk en ik zit op de bank te schrijven en te denken. Afgelopen vrijdag was ik heerlijk aan het fietsen en luisterde ik ondertussen naar een favoriete podcasts: Death, Sex & Money. Ik werd geraakt door de woorden van Andrea (35).

Andrea: ‘Er zijn nog steeds momenten dat ik wil bidden, omdat ik niet weet wat ik anders moet doen. Maar dan ineens besef ik mij dat ik daar niet meer in geloof. Ik geloof niet dat er daarbuiten een God is die mijn gebeden verhoort. Met dat gevoel moet ik nog in het reine komen.’

Ik werd geraakt door de woorden van Andrea, omdat ik ze zo herkenbaar vind. Ik kan niet zeggen dat ik zeker weet dat er geen God is, maar wel heb ik heel veel van zekerheid op dat vlak los gelaten. Het in het reine komen met je eigen overtuiging en de consequenties ervan herken ik zeker.

Toen ik iemand ooit eens vertelde hoe ik naar het leven was gaan kijken, stelde ze mij een vraag die ook aan de basis staat van de gevoelens van Andrea. Ze vroeg mij: ‘Als God er niet is, waar ga je dan nu heen met je blijdschap of verdriet?’

Voor iemand die van jongs af aan of jarenlang naar de kerk is gegaan, betekent het afscheid een nieuwe zoektocht. Het vanzelfsprekende van God als je schuilplaats in het mooie, het goed, maar ook de dingen waar je mee worstelt verdwijnt. En daarmee ook de functie van het gebed. Zelf bid ik af en toe nog steeds. Het is heerlijk een plek te hebben waar ik dankbaarheid, verlangens en angsten neer kan leggen.

En wie weet, misschien luistert Hij gewoon mee.

Dag 12 van 2019: ‘Over Netflix nieuwe serie Sex Education’

Een van favoriete podcast-series uit Amerika is ‘Death, Sex and Money’. De serie heeft als ondertitel: ‘de dingen waar we veel over denken en meer over zouden moeten praten.’

De nieuwe serie Sex Education neemt dit advies, in ieder geval als het gaat over seksualiteit ter harte. Toen ik net begon te kijken, bekroop mij het akelige gevoel dat het hier wel eens zou kunnen gaan om een Engelse versie van de Amerikaanse film American Pie of de serie Blue Mountain State. Een verhaal gesitueerd op school met vooral veel en expliciete beelden van en grappen over seks.

Niets is minder waar. Sex Education is boven alles een verhaal over tieners anno 2019 en de moderne seksuele mores. De serie is een Netflix origineel en bestaat uit 8 afleveringen. In tegenstelling tot de eerder genoemde films (American Pie) en serie (Blue Mountain State) is het een lief verhaal. De 16-jarige Otis speelt erin de hoofdrol. Samen met zijn moeder Jean (verrassende rol van Gillian Anderson) woont hij op het Engelse platteland. Zijn moeder is een sex- en relatietherapeute die geniet van haar bestaan als vrijgezel. Otis maakt de ochtend erna altijd kennis met zijn moeders laatste verovering van de avond ervoor. Niets is uiteraard genanter voor een tiener dan een moeder die met anderen en jou over seks praat.

Otis heeft daarnaast een beste vriend Erik met wie hij elke dag samen naar school fietst. Ook maken we in deze eerste aflevering kennis met zijn schoolgenoten Meave, Adam en Jackson. Otis blijkt net als zijn moeder een gave te hebben voor een gesprek met / therapie aan mensen die met een seksueel probleem rondlopen. Meave ziet daar wel een bedrijfsmodel in.

Sex Education is wat mij betreft een aanrader. Ik zelf heb na het kijken van de eerste aflevering meteen het hele eerste seizoen gezien. De karakters zijn divers en interessant genoeg. Het verhaal grappig.

Dag 11 van 2019: ‘Waarom de dames die in hun ‘bleate boarsten’ demonstreerden een punt hadden.’

De Verenigde Naties (VN) heeft aan Australië gevraagd om de Saudische tiener Rahaf een verblijfsvergunning te geven. Ze is bang voor haar leven, sinds ze besloten heeft niet Islamitisch te zijn. Ik ken het verhaal van Rahaf omdat vier vrouwen in Sydney, allemaal lid van de zogenoemde ‘Secret Sisters’, 45 minuten lang demonstreerden. Ze riepen de Australische overheid op om Rahaf een verblijfsvergunning te geven.

Ik denk dat het eerlijke antwoord ‘nee’ is als je mij vraagt of ik ook van de Secret Sisters en Rahaf had geweten als de dames niet topless hadden gedemonstreerd. Waarschijnlijk was het nieuws niet eens doorgedrongen tot Nederland als de dames BH’s en topjes aan hadden gehad. Soms werkt een beeld nu eenmaal beter dan 1.000 woorden. Vier paar borsten werden hier gebruikt om een statement te maken die blijkbaar krachtig genoeg was om de wereld over te gaan (en voldoende clickbait om mij te laten klikken).

Toch is het vreemd, dat het blijkbaar zo werkt. Ik wilde wel eens weten of het nou veel voorkomt. Dus even op Google kijken. Het is niet ongewoon (understatement), zo ontdekte ik. Friezinnen (en hun mannelijke vrienden) in ‘bleate boarsten’ omdat ze vinden dat vrouwenborsten seksueel worden gemaakt. Franse dames die zonder hesjes meelopen met de Gele Hesjes. De oekraïense vrouwenbeweging, omdat ze het oneens is met het beleid van de Europese voetbalbond Uefa. En iets met een aanval op Trump in Parijs. En dat was pas pagina 1 van de zoekresultaten.

Nu gun ik iedereen zijn borsten en veel aandacht voor dat waar je voor demonstreert. Alles van een afstandje beziend, denk ik echter dat die dames met hun ‘Bleate Boarsten’ in Leeuwarden een punt hadden die vooral hoofdredacteuren (en mannen die hun sites bezoeken) tussen de oren moeten knopen.

Dag 10 van 2019: ‘Nederland als Europees kampioen avonden en in het weekend werken.’

Het is nu woensdagavond en morgen ben ik vrij. Nou ja, niet helemaal een beetje. Mijn meest gelukkige momenten op kantoor beleef ik op de dag dat ik eigenlijk vrij hoor te zijn. 9 uur werken is heerlijk, maar zorgt tegelijkertijd voor een weinig flexibel rooster. Ik begon er nu 10 jaar geleden mee omdat er een klein meisje was geboren. Zij en haar broertje gaan inmiddels naar school dus is de donderdag een soort van rustpunt in de werkweek. Niets moet (als ik wil ga ik naar de kapper en de bios), maar alles kan. Daar hoort ook bij een paar uurtjes naar kantoor.

In het Algemeen Dagblad las ik een artikel met de kop: ‘Nederland als Europees kampioen avonden en in het weekend werken.’ Het artikel werd geschreven aan de hand van een onderzoek uitgevoerd door de universiteit van Leuven (België). Conclusie Nederland is niet alleen koploper als het gaat om deeltijdwerk, maar ook doen we dit werk verspreid over de dagen van de week, in de avonduren én zelfs in het weekend.

Nu werk ik voor politiemensen en dat is een 24/7 bedrijf. Voor de meesten van hen geldt dat ze in zo’n onregelmatig ritme hun werk doen. Dat is niet nieuw. Wat wel nieuw is dat hetzelfde inmiddels ook geldt voor mensen die werken in winkels of de mensen die ervoor zorgen dat onze bestelde bank ook daadwerkelijk 24 uur later kan worden bezorgd. Ze zie je dat onze eigen behoefte aan flexibiliteit ook weer flexibiliteit vraagt van anderen. Met als gevolg dat langzaam maar zeker de duidelijke scheidslijn tussen werk en privé vervaagt.

Zoals je in de eerste alinea kon lezen heb ik daar geen moeite mee. Er is echter een dikke maar. Ik zie steeds meer mensen (vooral ook van mijn generatie) opbranden. Zo flexibel omgaan met werk en privé is alsof je over een dun koortje wandelt. Het vraagt steeds weer bewust de juiste keuzes maken. En vooral ook je eigen lichaam voelen. Over wanneer jij je mail leest, welke druk jij jezelf oplegt, maar ook wanneer het echt even genoeg is. En dan heb ik nog de luxe van het kiezen…